Hoe veilig bent u tegen hackers?
Bekijk onze oplossing

Laatste nieuws over het pensioenakkoord

Datum artikel : 01-07-2020

Laatste nieuws over het pensioenakkoord

Zoals u ongetwijfeld hebt kunnen lezen in de media hebben het Kabinet en de sociale partners afgelopen week een pensioendeal gemaakt. Onderstaand treft u onder voorbehoud, want nog niet alles is duidelijk en afgerond, een samenvatting van de stand van zaken.

Wanneer gaat het pensioenakkoord in?
In de periode tussen 1 januari 2022 en (uiterlijk) 1 januari 2026 wordt overgestapt naar het nieuwe pensioenstelsel. Er hoeft dus niet door “alles en iedereen” tegelijk overgestapt te worden naar het nieuwe pensioenstelsel.

Maar, per 1 januari 2021 zijn de volgende afspraken wel al van toepassing:
- De opname ineens : op de pensioendatum 10 % van de pensioenwaarde wat gebruikt kan worden voor diverse (niet pensioen gebonden) doelen;
- De vertrekregeling : werknemers kunnen 3 jaar voor hun AOW-gerechtigde leeftijd stoppen met werken zonder RVU boete voor de werkgever (denk aan fysiek zware beroepen);
- Verlofsparen (de mogelijkheid van werkgever om adv-, vakantiedagen, overuren etc. te sparen om later in te kunnen zetten als onbetaald verlof): het maximum wordt uitgebreid van 50 naar 100 weken.


Hoe ziet het nieuwe pensioenstelsel er uit
In het nieuwe pensioenstelsel is de beschikbare premie het uitgangspunt. Het wettelijk toegestane maximum premiepercentage zal ergens tussen de 30 en 33% komen te liggen. Deze vlakke premie (ook wel flat rate genoemd) is leeftijdsonafhankelijk. De hoogte van de jaarlijkse pensioenopbouw is voortaan leeftijdsafhankelijk. Deze pensioenopbouw daalt namelijk naarmate de leeftijd toeneemt (ook wel degressieve pensioenopbouw genoemd). Alle pensioenregelingen moeten hierop aangepast worden.

Wat moet je weten over het nieuwe pensioenakkoord
1. Pensioenfondsen die eind dit jaar een dekkingsgraad van meer dan 90% hebben hoeven niet te korten volgend jaar. Normaal gezien ligt die grens op 100%. Nadere details zijn nog niet bekend. De verwachting is wel dat het Kabinet en de sociale partners in ieder geval voor het jaar 2021 de pensioenpremie en de pensioenopbouw zoveel mogelijk “stabiel” houden.

2. Alle werknemers krijgen in het nieuwe pensioenstelsel een premieregeling. Hierbij bepalen de ingelegde premie en het beleggingsrendement wat voor pensioen een werknemer mag verwachten. Er komen 2 soorten pensioenregelingen die allebei werken met projectierendement (premie en uitkering worden bepaald op basis van verwachte rendementen):
•Het nieuwe contract zoals afgesproken in het akkoord: de pensioenpot blijft collectief maar elke deelnemer krijgt hierin zijn eigen aandeel. Hier geven de vakbonden vanwege de solidariteitsgedachte de voorkeur aan.
•De wet verbeterde pensioenregeling, zoals nu van toepassing is: hierbij hebben alle deelnemers een eigen pensioenpot.

Let op!
Is er nu sprake van een beschikbare premieregeling (met een leeftijdsafhankelijke beschikbare premie) bij een verzekeraar? Dan mág voor de bestaande werknemers die regeling worden voortgezet en moet de leeftijdsonafhankelijke vlakke premie alleen op nieuwe werknemers worden toegepast. Echter, hier is het laatste woord nog niet over gezegd. Niet duidelijk is namelijk of dit ook geldt voor andere pensioenuitvoerders (zoals een premie pensioeninstelling of algemeen pensioenfonds) en ook voor andere pensioenregelingen (zoals een middelloonregeling)?

3. Door de overstap van een “pensioenaanspraak” naar een “pensioenverwachting” komt er meer ruimte als het gaat om de verplichtingen en de financiële positie van het pensioenfonds. Er komt een solidariteitsbuffer waarmee mee- en tegenvallers worden gedeeld. Dit is een reserve voor slechte jaren. Die bedraagt maximaal 15 % van het vermogen. Die buffer mag gevoed worden met maximaal 10 % van de premie of met overrendement. Met die buffer worden mee- en tegenvallers, evenwichtig naar leeftijdsgroepen, gedeeld.

4. De pensioenpremie wordt stabieler en beter voorspelbaar. Iedereen betaalt hetzelfde premiepercentage ongeacht de leeftijd.

5. Alle oude pensioenrechten worden in beginsel overgezet naar het nieuwe stelsel. Met een goede onderbouwing kunnen fondsen hier van afwijken.

De overstap
Voor eventuele nadelen van de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel zal een adequate compensatieregeling worden getroffen: mee- en tegenvallers kunnen in de tijd worden gespreid en er zijn keuzemogelijkheden bij de toebedeling van rendementen aan leeftijdsgroepen. Wat onder “adequaat” wordt verstaan is nog niet duidelijk. Wel duidelijk is dat de compensatie kostenneutraal plaatsvindt. Verdere details hierover zijn nog niet bekend.

Werkgevers moeten te zijner tijd (samen met de pensioenuitvoerder en/of adviseur) aan de werknemers individuele informatie verstrekken. Zoals het verwachte pensioen voor en na de overstap en de genomen compensatiemaatregelen.

Het uitgangspunt is dat het opgebouwde pensioen wordt “ingevaren” in het nieuwe pensioenstelsel. Tenzij dat tot onevenwichtige resultaten voor de deelnemers leidt. Invaren betekent dat de regels van het nieuwe stelsel ook van toepassing worden op de bestaande pensioenaanspraken. Dit “invaren” speelt alleen een rol bij pensioenfondsen.

Wat is er nog meer van belang…



AOW-leeftijd
De AOW-leeftijd blijft in 2025 op 67 jaar staan en stijgt niet naar 67 jaar en 3 maanden. Voortaan leidt 1 jaar langer leven tot een verhoging van de AOW-leeftijd met 8 maanden in plaats van 1 op 1.

Partnerpensioen
Het partnerpensioen wordt eenvoudiger en alle pensioenregelingen moeten hierop worden aangepast:
•De hoogte is maximaal 50 % van het salaris (nu vaak 49 % van de pensioengrondslag) en niet langer gekoppeld aan de diensttijd;
•De uitkering is levenslang, er komt flexibiliteit in de hoogte van de uitkering;
•Tot de pensioendatum wordt het partnerpensioen op risicobasis verzekerd. Eindigt de deelname aan de pensioenregeling tussentijds? Dan is het partnerpensioen niet meer verzekerd. In enkele gevallen blijft het partnerpensioen wel (tijdelijk) verzekerd.
•Het wezenpensioen bedraagt 20% van het partnerpensioen en loopt tot het 25e jaar.
•Meeverzekeren van het ANW-hiaat wordt hiermee (wellicht) overbodig.

ZZP’ers
De verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering was al aangekondigd. In 2021 wordt de concrete uitwerking besproken. Pensioensparen moet makkelijker worden voor ZZP’ers. Ook dat wordt in 2021 besproken.

Uitzendkrachten
De maximale wachttijd van 2 maanden gaat ook voor de uitzendbranche gelden. Die wachttijd is nu nog 6 maanden. Uitzendkrachten gaan dus eerder pensioen opbouwen.

Hoe gaat het nu verder?
Nu er eindelijk na 9 jaar een nieuw pensioenakkoord op tafel ligt, gaan de betrokken partijen dit eerst bespreken met hun achterban. Daarna wordt de uitwerking vastgelegd in een “hoofdlijnnotitie”. Die notitie stuurt Minister Koolmees voor de zomer naar de Tweede Kamer. Dit moet allemaal nog worden afgewacht.

Tot slot
Het pensioenakkoord regelt een nieuwe manier voor de vaststelling van de premie en daarmee veranderd automatisch ook de uitkomst. Vanaf 01-01-2022 is een gelijkblijvende premie verplicht. Veel werknemers die nu in een bestaande beschikbare premieregeling zitten met een premie die verplicht oploopt met de leeftijd van de werknemer, kunnen er dan (fors) op achteruit gaan. Werkgevers zouden dit in principe moeten compenseren. Dat zou voor veel werkgevers kunnen leiden tot hoge extra uitgaven.

In het pensioenakkoord is daar 12 juni 2020 een handreiking voor toegevoegd. Werknemers die nu al in een premieregeling met oplopende premies zitten, mogen daar in blijven. Alleen voor nieuwe deelnemers geldt dan de verplichte vlakke premie. Dit voorkomt dat bedrijven grote compensaties moeten betalen.

Het nieuwe Pensioenakkoord heeft dus een grote impact. Heel waarschijnlijk ook voor de pensioenregeling van jullie bedrijf. Het is van belang om goed over de gevolgen en mogelijkheden voor jullie bedrijf en medewerkers na te denken. We adviseren jullie om hier op tijd mee te starten en de komende tijd echt te gebruiken, zodat de nieuwe regeling zo goed mogelijk aansluit op de nieuwe realiteit. Informeer hiernaar en bespreek dit met je adviseur!

Heb je ondertussen vragen, bel of mail gerust, ons team staat voor je klaar!
Brian: 06-50886616
Alex: 06-15119450
Roel: 06-46330064
Ruud: 06-12999202
Agnetha: 023-5221490


Bron: Financieel Dagblad, Staatscourant, Edmond Halley en Pensioen Perspectief